Tjielp tjielp- tjielp tjielp tjielp”. De eerste regel van het gedicht de Mus van Jan Hanlo.  Een gedicht voor een heel algemeen vogeltje.

Het zit de huismus echter niet mee. Sinds 1990 is hun aantal gehalveerd. In de steden vindt de mus te weinig voedsel. Jonge musjes eten insecten. Als de jonge mussen wat groter zijn en kunnen vliegen, eten zij ook zaden.

Vooral mussen in de steden hebben moeite om voldoende voedsel te vinden. Zij komen veel minder toe aan een tweede legsel. Voor de mussen die de dorpen broeden gaat dit niet op. Deze dorpsmussen hebben meer nestjongen en komen vaker aan een tweede legsel toe.

Veilige nestgelegenheid kan het verschil niet maken tussen de dorpsmus en stadsmus. Overal zijn losse dakpannen en kleine nissen om veilig een nest te bouwen. Oudermussen moeten in de directe omgeving van het nest vliegende mieren, rupsen van nachtvlinders, spinnetjes en bladluizen vinden om de jongen te voeren. In een tuin die volledig betegeld is, steriel is of beplant is met vrijwel alleen uitheemse planten komen te weinig insecten voor.

biodiversiteit
Categorieën: Biodiversiteit

0 reacties

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.